Categorieën
Algemeen

Zelfs Mathieu van der Poel moet het hoofd buigen voor Kasper Asgreen

OUDENAARDE – De E3 Saxo Bank Classic in Harelbeke wordt al jaren beschouwd als de algemene repetitie voor de Ronde van Vlaanderen. De winnaar, Kasper Asgreen, mocht dan ook als één van de favorieten worden beschouwd voor Vlaanderens Mooiste. En hij stelde niet teleur. In een spurt met twee was hij verrassend sneller dan Mathieu van der Poel, in Harelbeke nog derde. Van Avermaet legde beslag op de derde plaats voor een aantal andere landgenoten: Stuyven, Vanmarcke, Van Aert en Vermeersch.

De wedstrijd kende een bijzonder lange aanloop. Dat kwam uiteraard omdat er een vroege vlucht ontstond met zeven renners, waaronder de Belgen Wallays en Vandenbussche. Hun maximale voorsprong bedroeg twaalf minuten. Maar de echte esbattementen begonnen uiteraard pas in de heuvelzone. Daarbij maakte Alaphilippe een goede indruk. Hij voegde zich voor de beklimming van de Taaienberg bij één van de overblijvers van de lange ontsnapping: Bisseger. Met nog 40 kilometer te gaan reden nog alle favorieten voorin en het viel op dat Van Aert het voor de zoveelste maal zonder ploegmaats moest doen. Haller ging aan de haal en kreeg het gezelschap van Van der Poel, Asgreen, Van Aert, Alaphilippe en Teuns. Toen Haller moest lossen demarreerde Alaphilippe opnieuw. Voor de Oude Kwaremont ontstond een leiderstrio met Van der Poel, Van Aert en Asgreen. Aan de voet hadden de drie een voorsprong van 23 seconden, op de top nog achttien. Van der Poel demarreerde op de kasseien zonder dat hij zich hoefde recht te zetten. Van Aert moest lossen en de Nederlander en de Deen reden met zijn tweetjes richting Oudenaarde. Aanvankelijk bleef Asgreen constant in het wiel maar toen hij merkte dat Alaphilippe niet meer zou terug keren, deed hij zijn deel van het werk. In de spurt leek Van der Poel het te zullen halen maar uiteindelijk zoefde Asgreen hem voorbij.

‘In de laatste tien kilometer hadden Van der Poel en ik elkaar nodig’, zei de winnaar. ‘Achterop reden er immers nog een aantal sterke kleppers. We verstonden elkaar wonderwel en ik had wel vertrouwen in mijn spurt. Sprinten na een lange harde race is anders dan na 200 kilometer. Ik weet waarover ik spreek want het lukte me al een aantal keren.’

‘Op de Koppenberg zat ik in de tweede groep. Op de Paterberg heb ik dan versneld. De Koppenberg is te lang voor mij. Het is de helling die me het minst ligt. Een klassieker rijden is altijd iets bijzonder voor mij. Ik hield ook als jong kind al van dit soort wedstrijden. Ik was  dan ook bijzonder vereerd dat ik aan klassiekers mocht deelnemen. En dat ik vandaag de Ronde win is ongelooflijk. De eerste editie die ik mij herinner is die waar Cancellara en Boonen een heroïsch gevecht uitvochten.’

‘In twee jaar tijd heb ik veel aan maturiteit bijgewonnen. In 2019 betekende de deelname aan de Ronde ook meteen mijn debuut in een kasseiklassieker. Sindsdien heb ik al een stuk finales gereden in diverse klassiekers. Hierdoor deed ik een pak ervaring op. Zo leerde ik hoe ik moet rijden in een ‘lange’ wedstrijd. Wanneer je tijdens de eerste drie wedstrijduren teveel energie verspilt dan kom je op het einde krachten tekort. Even zag het er minder goed uit. Op de Kanarieberg moest ik stoppen omdat een aantal renners voor mij tegen de grond waren gegaan. Ik werd langs achter aangereden waardoor ook ik ten val kwam. Dat leverde me wel even stress op. Het was niet zo makkelijk om terug te komen omdat ik van fiets moest wisselen maar uiteindelijk maakte het allemaal niet veel uit.’

‘GEEN AFSPRAAK GEMAAKT MET ALAPHILIPPE’

‘Ik was blij dat het geen groepsspurt werd. Een sprint met twee is makkelijker te regelen. Het was zaak om voorin te blijven want indien we zouden worden bijgehaald hadden we het misschien allebei kunnen schudden. Ik heb niet meteen een afspraak gemaakt met Alaphilippe. Natuurlijk heb je constant contact met elkaar en met de rest van het team. Het belangrijkste was dat wij met zijn tweeën voorin zaten.’

‘Ik weet dat ik niet als topfavoriet van start ben gegaan maar dat vind ik ook normaal. Alaphilippe, Van der Poel en Van Aert zijn nu één keer de beste renners van de wereld. Het is normaal dat alle aandacht naar dat drietal ging. Vandaag klop ik hen maar wanneer we alle wedstrijden bekijken zullen zij meestal wel beter zijn geweest dan ik.’    

‘Uiteraard is het jammer dat Parijs-Roubaix niet doorgaat. Het was mooi geweest om die wedstrijd te rijden met de vorm waarin ik verkeer maar de gezondheid van de bevolking gaat voor. Ik ben ervan overtuigd dat de organisatoren er alles aan hebben gedaan om de koers te laten plaatsvinden maar als het niet kan, kan het niet.’

Het contract van Asgreen bij Deceuninck – Quick Step eindigt. ‘Rijden voor dat team was altijd een droom voor mij. Ze hebben heel veel jonge talenten opgeleid. Ik weet dat Patrick Lefevere hard aan het werken is om goede sponsors aan te trekken voor volgend jaar. Wanneer hij daar in is geslaagd dan hoop ik dat hij ook aan mij denkt.’

‘Als jongere had ik niet meteen een idool. Ik hield gewoon van wielrennen en je had een boel klasbakken. Misschien was de stijl van Cancellara nog het meest vergelijkbaar met die van mij. Ik leg er nu enkele weken de riem af. Nadien heb ik nog drie grote doelen. Ik hoop dat ik mag deelnemen aan de Tour, de Olympische wegrit en het wereldkampioenschap. Vooral het WK-parcours ligt me wel.’

Ook Van der Poel stapt even uit het peloton. Hij gaat zich nu toeleggen op het mountainbiken. ‘Ik heb geen probleem om me neer te leggen bij de suprematie van de winnaar. Gedurende de hele wedstrijd mocht ik ondervinden hoe sterk hij wel was en, zoals vele anderen het ook al hebben gezegd, een spurt na 254 kilometer is wat anders dan na 200. Ik voelde me nochtans goed op de kasseien. Dat is iets wat ik goed kan. Wanneer je daar demarreert doe je dat meestal zonder dat je uit het zadel komt, net zoals vandaag. Maar goed, ook Asgreen voelde zich kiplekker. Anders zou hij niet met mij hebben meegewerkt. Ik gun het hem wel. Hij is tenminste een renner die meerijdt tot aan de meet. Aan mijn ploegmaats heeft het niet gelegen. Vermeersch en Rickaert leverden prima werk af. Jammer dat we enkele sterke renners verloren maar daarover kan ik me niet uitlaten. Ik weet niet meteen wat er is gebeurd. Wanneer ik bekijk wat ik in dit voorjaar heb gepresteerd dan zou ik met een goed gevoel naar huis moeten gaan maar dat is natuurlijk niet het geval. Van deze tweede plaats ga ik nog even wakker liggen.’

Greg Van Avermaet was tevreden met plek drie. ‘Ik ben blij dat ik nog een keertje het podium haal in de Ronde van Vlaanderen. Meer zat er niet in.’

Edwin MARIËN